De weblog met de positieve vibes!

30.9.06

'Echt maar vier biertjes gedronken!'

Dat je een treinkaartje koopt voor de eerste klas en dat er dan steevast mensen de coupé binnendringen die dat niet hebben gedaan en die vervolgens toch gewoon gaan zitten, om hardop te concluderen dat de conducteur ze dan maar weg moet sturen, is al erg genoeg. Dat je ze dan moet vragen om in het stilterijtuig - waar ik bij voorkeur zit omdat je er rustig een boek kunt lezen - niet te bellen, is op het randje. Maar als diezelfde mensen voor hun telefoongesprek omzichtig excuses maken en vijf minuten later op luide toon gewoon weer mobiel ruzie maken met hun wederhelft, dan kan ik daar niet helemaal bij. Of toch wel? "Ik heb echt maar vier biertjes gedronken," schreeuwde de man naar het thuisfront. "Echt waar!"

28.9.06

Verse tomatensoep met ballen

Het begon net te schemeren. Ik bedacht hoe snel de zomer alweer voorbij was gegaan. Kwart over acht en de lantaarns waren ontstoken. Op hoge snelheid fietste ik vanaf het Weena de Karel Doormanstraat in, op weg naar huis. Ik dacht aan de pan met verse tomatensoep die ik klaar zou maken, terwijl ik even verderop iemand de straat over zag rennen. Schijnbaar werd hij op de hielen gezeten. Er rende iemand achter hem aan. Woest zwaaiend met iets in zijn rechterhand.

Toen ik ter hoogte van het 'American Dream Café' kwam, herkende ik de achtervolger. Het was mijn dakloze vriend Geert-Jan en het voorwerp in zijn rechterhand was een straatkrant die hij trachtte te slijten. De man die Geert-Jan als slachtoffer had uitgekozen, was duidelijk niet van de toenaderingspoging gediend en probeerde uit alle macht aan zijn belager te ontsnappen. Ik moest lachen omdat ik wist hoe volhardend Geert-Jan kan zijn.

Een paar seconden later scheerde ik het tweetal grinnikend voorbij. Geert-Jan keek op, zag me en veranderde abrupt zijn koers. De onwillige man maakte dankbaar gebruik van de mogelijkheid om er als een haas vandoor te gaan. "Hoe is het?" schreeuwde Geert-Jan, terwijl hij naast mijn fiets meerende. "Ik heb echt enorme haast," zei ik, denkend aan de tomatensoep. "Met jou alles goed? Nog steeds aan de slag in Haarlem?" Geert-Jan knikte. "Nog steeds aan de slag."

Net toen ik wilde vragen waarom een goedbetaalde voorman met straatkranten liep te leuren, nam Geert-Jan zelf het woord. Waarschijnlijk realiseerde hij zich dat zijn achtervolging van zojuist niet had bijgedragen aan het nieuwe imago dat hij al een tijdje zo zorgvuldig trachtte op te bouwen. "Alles gaat geweldig," zei hij. "Ik heb net mijn huur betaald. Daarom loop ik nu ook weer met m'n krantjes. Het geld is even op." Ik knikte bevestigend en maakte aanstalten om door te rijden.

"Heb je misschien een paar euro voor me?" vroeg Geert-Jan op de valreep. Daar was de onvermijdelijke vraag. "Er zit nog geen stuiver in mijn portemonnee," zei ik naar waarheid. Geert-Jan begreep het en riep iets in de trant van 'volgende keer beter'. Halverwege mijn rit naar huis, kreeg ik - mijmerend over verse tomatensoep met ballen - toch spijt dat ik niet even een tientje voor hem had gepind. Voor mijn dakloze wannabe-voorman.

[Zie ook: Dossier Geert-Jan]

24.9.06

'Ik was met vakantie'

"Ik was met vakantie."
"Leuk! Waar ben je geweest?"
"Oostenrijk. Nordic walking!"
"Nordic walking?"
"Ja, heerlijk. Wel alleen bejaarden."

Een schitterend glimmend geheel

Het was een fantastische keuken waar we de opnames voor Grand'Italia hadden gepland. Een schitterend glimmend geheel van stemmig donkerblauw en chroom. We hadden maar liefst vier ovens tot onze beschikking, waaronder een exemplaar dat op stoom werkte en een hoge drukoven. Ik had er nog nooit van gehoord. Koken konden we op gas, inductie en een keramische plaat. Kokend water kwam direct uit een speciale kraan.

Alleen jammer van de vrachtwagens die buiten, pal achter de keuken, duidelijk hoorbaar bouwmaterialen haalden en brachten. En van de vorkheftrucks die laag brommend af en aan reden...

17.9.06

Gewoon niet meer te combineren

Rennen en vliegen! Het lijkt alsof het bijna niet hectischer kan. Vrijdagochtend een vroege ANP-dienst, 's avonds Hart van Nederland, zaterdagochtend weer naar Rijswijk en 's avonds opnieuw bij SBS in Amsterdam. Morgen en overmorgen twee opnamedagen voor Grand'Italia in Apeldoorn en van woensdag tot zaterdag is het weer 'rechtstreeks vanuit onze hoofdstad'. En zo gaat het inmiddels een week of vier...

Met pijn in het hart heb ik bij het ANP laten weten dat ik de komende tijd nauwelijks beschikbaar ben. In oktober nog twee diensten en daarna ben ik in ieder geval tot het einde van het jaar niet meer ingeroosterd. Met zes uitzendingen Hart per week, is het gewoon niet meer te combineren. Ik ga de mensen missen! Dat is zeker. Want ondanks het meestal onchristelijk vroege tijdstip waarop veel ANP-diensten beginnen, ga ik er eigenlijk altijd fluitend heen.

Even afkicken dus.

14.9.06

Zegt de ene student tegen de andere...

Zegt de ene student tegen de andere, wijzend op zijn eigen buik: "Ik heb geen sixpack, ik heb een beertender!"

10.9.06

'Dat bepaal ik zelf wel meneer'

"Dag mevrouw. Er staat daar een tas die van niemand lijkt te zijn."
"Dan bent u te laat. We gaan vertrekken. U had direct naar me toe moeten komen. Nu kan ik er niets meer aan doen."
"U kunt toch even bellen met de spoorwegpolitie?"
"Dat bepaal ik zelf wel meneer."
"Daar heeft u ongetwijfeld gelijk in. Ik wilde u het alleen maar even melden in deze tijden van verhoogde waakzaamheid."
"Prima, maar ik laat het erbij. Volgens mij is er ook niets aan de hand hoor."

8.9.06

'Ben alleen aardig gaar!'

Heerlijk gegeten gisteren bij Lulu. Hapje met Niels (Z.). Sowieso gezellig. We hadden elkaar al maanden niet meer gezien. De avond eindigde in het bijzijn van Paul. Ouderwets gelachen. Lekkere roddels.

"Ik vond het erg gezellig gisteren," sms-te Niels. "Ben alleen aardig gaar!" Zelf voel ik me - uiteraard - zo fris als Fa...

Een meer heroïsch einde

We vertrokken in alle vroegte van het station. Het was nog wat heiig, maar vast stond dat het opnieuw een bloedverzengend hete dag zou worden. Al een aantal nachten hadden we moeite gehad met slapen. Onze kamer, in het eenvoudige hotel dat zich 'Yellow Submarine' noemde, was slechts uitgerust met een ventilator. Het apparaat produceerde een briesje dat net genoeg was om niet radeloos te worden van de droge hitte. Overdag zochten we verkoeling langs de rivier die Brisbane in tweeën deelt en op het water, in de talloze taxibootjes die er af en aan varen. Zolang je in de schaduw bleef, was het uit te houden.

Ik herinner me dat we met de trein langs een aantal opmerkelijke heuvels reden. Kleine bergen die woest uit het Australische laagland omhoog leken geschoten. Het waren de Glasshouse Mountains. Een opmerkelijke verzameling dichtbegroeid niveauverschil. Toen we aankwamen in Beerwah was het vooral enorm stoffig, zo viel me op.

We waren op weg naar de dierentuin van Steve Irwin, de man die mij al jaren fascineerde met zijn voorliefde voor reptielen. Vooral mijn eigen angst voor slangen maakte dat ik gebiologeerd naar zijn programma's keek. Daarnaast was Steve gewoon een leuke vent, met een geweldige kop voor de tv en een enorm enthousiast verhaal. Hoewel Steve's Zoo zich in geen enkel opzicht met Nederlandse equivalenten als Blijdorp kon meten, was het fantastisch om er te zijn. We keken hoe de krokodillen werden gevoerd, ik raakte voor het eerst in mijn leven een slang aan tijdens een show op een grasveld in het midden van het park en we zagen Steve zelf in de weer met een cameraploeg.

In de souveniershop verbaasden we ons over de beschikbare prullaria met een beeldtenis van de meester: Steve-mokken, Steve-sokken, Steve-potten en pannen, je kon het zo gek niet bedenken of het stond er. Steve Irwin was in eigen land duidelijk nog veel groter dan bij ons.

Toen ik eerder deze week opstond met het nieuws dat Steve niet meer is, vond ik het vooral ontzettend wrang dat een man die zijn leven lang worstelt met alligators en cobra's, uiteindelijk door een vis wordt geveld. Ik had hem een meer heroïsch einde gegund. Verscheurd door een uit de kluiten gewassen 'salty' of gebeten door een bruine slang. Steve zelf had dat vast ook mooier gevonden. Maar het meest zonde blijft het natuurlijk dat hij überhaupt niet meer leeft. En dat hij al jaren niet meer op Discovery is!

4.9.06

'Ga je ze er zelf opzetten?'

Nieuwe fiets gekocht. Bij Halfords. Tweehonderd euro. Strak modelletje zonder poespas. Geen versnellingen, normale terugtraprem. Alle extra's kunnen alleen maar kapot tenslotte.

Direct al bleek de bel onder de maat. Bij de fietsenmaker om de hoek voor drie euro een beter exemplaar gekocht. Zo gefikst! Geen probleem. Prima geluidje. Gelijk ook maar een pomp erbij. Kon ik thuis niet meer vinden.

Misschien was het de goden verzoeken. Misschien was het gewoon voorbestemd. Volgende dag eerste lekke band, halverwege de Schiedamseweg. Balen. Nieuwe fietsen horen niet lek te rijden!

Flink gat. Scheurtje ook in de buitenband. Blijkt het toch weer tweederangs materiaal. "Goedkoop is vaak duurkoop," hoorde ik als echo uit mijn jeugd. Band geplakt. Scheur genegeerd.

Volgende morgen bij vertrek opnieuw plat. Opnieuw balen. Kennelijke oorzaak: ventiel weg! Raar. Binnenband nog even nagelopen. Toch nog een gaatje. Geplakt. Nieuw ventiel erop. Alles onder controle!

Zo leek het.

Vijfde dag. Band plat. Het begon te wennen. Geen gaatjes, wel een lekkend ventiel. Opnieuw naar de fietsenmaker om de hoek. Drastische maatregelen: Twee nieuwe buitenbanden van de beste soort en een nieuwe binnenband.

"Ga je ze er zelf opzetten?" vroeg de fietsenmaker bezorgd. Ik knikte. "Geen probleem. Dat heb ik al eens eerder gedaan." De fietsenmaker wenste me succes. "Kijk wel uit met je bandenwippers," adviseerde hij nog. "Dat je die op het laatst niet door je binnenband steekt!" Ik bedankte hem uitvoerig voor de tip en toog vol vertrouwen huiswaarts.

Voorwiel zo gepiept. Daarna zwoegen op het achterwiel. Gedoe met de ketting. Duurde maar even. Wiel los. Buitenband eromheen. Binnenband erin gefrommeld. Beetje lucht. Bandenwippers om alles op z'n plaats te krijgen.

Pssssssssssssssssssssssssssssssssssst.

Vanmiddag maar weer even naar de fietsenmaker...

Niet het minst onder de indruk

"Ik heb gisteravond met een goede vriend van je zitten praten." Verbaasd keek ik op. Het was niet een zin die ik verwachtte uit de mond van Hart-presentatrice Evelien. We kenden elkaar nog maar net, laat staan dat ze contact zou hebben met vrienden van me. "Ene Niels," zei ze. Ik lachte. "Aha, met Jake! Heb jij met Jake zitten praten?" Terwijl ik nieuwsgierig geworden iets dichterbij schoof, vroeg ik: "Waar ben je die tegen het lijf gelopen dan?"

Evelien vertelde dat ze de vorige avond had gegeten bij restaurant Benk in Hilversum. "Daar woont hij boven inderdaad," vulde ik aan. "En volgens mij hangt hij daar redelijk vaak aan de bar." Ze waren in gesprek geraakt en hadden op een zeker moment geïnformeerd naar elkaars dagelijkse bezigheden. Toen Evelien vertelde dat ze bij het Hart werkt, had Niels gereageerd: "Da's ook toevallig!"

Toevallig, dat vond ik ook. Erg toevallig zelfs! Toen ik Niels de volgende dag sprak, leek hij zelf toch niet het minst onder de indruk. "Ik probeer wat te suffen op de bank, maar er is weer één of ander festival. Hier vlak voor de deur staat een podium. Teringherrie!"