De weblog met de positieve vibes!

10.8.10

Friesche zee van weelderig weidegroen

Van die schattige kerkjes, omzoomd door een handjevol huizen. Dat heet dan een dorp en dat ligt in de 'middle of nowhere'. Je hoort er wel eens over, je ziet het wel eens op tv, maar toch word je weer getroffen als je in de rol van grootstedelijke immigrant de rust en ruimte zelf ervaart. Getroffen door het fenomeen schattige dorpjes. Pittoresk gelegen in een Friesche zee van weelderig weidegroen.

Vanuit de trein zag ik een lama grazen. Dat detoneerde dan weer iets.

7.8.10

Stoomboot met uitgelaten leernichten

Het allermooist waren de reguliere rondvaartboten. Verdwaasde toeristen. Iets ongemakkelijk zo leek het, maar in ieder geval vol ongeloof. Een enkeling beantwoordde het gejuich en gezwaai vanaf de kades met een aarzelend armgebaar.

Daar drijf je dan als nietsvermoedende, puriteinse Amerikaan op je onontkoombare rondje Amsterdamse grachten, terwijl je wordt ingehaald door een omgebouwde stoomboot vol uitgelaten leernichten die zorgvuldig ingestudeerde dansjes opvoeren.

Rare jongens, die Amsterdammers.

30.6.10

Blik over mijn eigen benen

Halverwege een min of meer door nostalgie ingegeven fietstochtje, zat ik eerder deze week op een bankje voor de Vlaardingse snackkot van Harteveld in de laatste avondzon met een patatje pinda, toen mijn blik over mijn eigen benen naar beneden gleed. Vanwege het uitgesproken zomerweer droeg ik slippers. Daardoor was pijnlijk zichtbaar wat mijn vriendinnetje al jaren roept en ik – eerlijk is eerlijk - zelf eigenlijk ook wel wist: ik heb echt hele lelijke voeten!

De friet was overigens uitgesproken goed. De pindasaus zelfs nog iets beter...

25.6.10

De lokroep van een exotisch dier

Het suizen van zomerbanden over opgewarmd asfalt. Een enkele auto raast nog voorbij. Verder alleen het getik van de voetgangerslichten, bestemd voor slechtziende wandelaars die in geen velden of wegen zijn te bekennen. In de verte klinkt het schrille geluid van een vuvuzela, als de lokroep van een exotisch dier.

De nacht valt over de Schiedamse stadssavanne.

10.6.10

Voormalig vicepremier in spijkerbroek

Hij oogde minder uitgerust dan ik op voorhand zou hebben gedacht. Maar het kan ook zijn dat ik me al te zeer liet afleiden door zijn grijze slapen. Hij was sowieso opvallend casual gekleed, vond ik. Een wit shirt met iets van een trui erover. Volgens mij ook een spijkerbroek.

Heel even hadden we oogcontact. Daarna speelde hij wat met zijn telefoon, onderwijl nonchalant op zijn rijwiel leunend. Ik vond het stoer dat hij de fiets had gepakt, ondanks de regen die bij vlagen een tropisch karakter had.

Heel even overwoog ik hem bij het verlaten van het pontje tussen Amsterdam-Noord en het centraal station nog een bemoedigende blik toe te werpen. In plaats daarvan probeerde ik me slechts in te beelden hoe het zou zijn om als voormalig vicepremier in een spijkerbroek, op de fiets bij je opvolger te gaan kijken.

En wie er op de kinderen paste. Dat speelde natuurlijk ook door mijn hoofd.

29.5.10

Verweerde, roestbruine golfplaten

De kuiten van Lance Armstrong. Ik vond ze ronduit eng van dichtbij. Die opgezwollen aderen vlak onder zijn huid. Ik kreeg het idee dat ze het ieder moment konden begeven onder de immense druk van een nietsontziend topsportbestaan.

Het door en door bebloede hoofd van een man uit Guinee-Bissau, slachtoffer van een voor mij onbekend conflict.

De intrigerende luchtfoto van een sloppenwijk ergens anders in Afrika, ik meen aan de rand van Nairobi. Het kunstige patroon van verweerde, roestbruine golfplaten. De trein die net voorbij reed, loodrecht van boven gezien. Het dak van de rijtuigen beschilderd met grote vrouwenogen. Uit de deuren hingen kluwen kleurig geklede mensen. Stipjes waren het, in de diepte.

Maar wat me nog het meest is bijgebleven van ons inmiddels traditionele bezoek aan de World Press Photo-tentoonstelling in de Oude Kerk in Amsterdam, is de opmerking van mijn vriendinnetje toen we onze fiets parkeerden na aankomst. Met een blik op een prostituee die vanachter haar raam uitzag naar potentiële klanten, zei ze: "Zo, die heeft grote tieten!"

Daar kon geen foto van Iraanse activisten of door cadmium gemuteerde Chinese sinaasappels meer tegenop...

13.5.10

Zondagochtend op donderdag

Wat hou ik inmiddels toch van de vroege zondagochtend in Amsterdam. Het rondje Kinkerstraat - grachtengordel - Vondelpark. Uitgestorven, op die ene trotse moeder met blitse kinderwagen na. Die ene zwerver met winkelwagentje, overladen met plastic zakken vol troep. Dat ene Japanse stelletje, dat elkaar fotografeert tegen een onbeduidende achtergrond. Zondagochtend op donderdag. Er tjilpen wat vogels. Het zadel van mijn fiets kraakt.

12.5.10

Zouden ze nog bestaan?

Goddank, het was uitgestorven. Eén klant slechts die vlak voor mij een nummertje scheurde van het apparaat dat een prominente plaats innam in de hal van het plaatselijke postkantoor. Zelf had ik volgnummer 223 te pakken. Twee medewerksters achter de balie waren nog verwikkeld in wat alledaags gekeuvel, terwijl de andere klant en ik wat ongemakkelijk over ons voetbed schoven. Een korte blik over en weer. Iets van verstandhouding. Tja, zo gaat dat op een postkantoor, sprak er uit. We haalden synchroon even de schouders op.

Het duurde nog een minuutje al met al, voordat mijn lotgenoot en ik leken te worden opgemerkt. Het gesprek tussen de dames verstomde, waarna de flatscreen boven hun hoofd als bij toverslag aangaf dat wij ons simultaan konden vervoegen bij respectievelijk balie 2 en 3. De medewerkster die mij zou helpen had een open blik. Er kon zowaar een glimlachje af. Het gaf me enige moed, al bewoog ik zonder twijfel behoedzamer dan normaal en bereidde ik in gedachten een soort fluisterstem voor.

"Dag mevrouw," zei ik op half volume. Even was er de aarzeling. Ik bracht mijn gezicht wat dichter naar het hare. Zouden ze überhaupt nog bestaan? De gedachte schoot even door mijn hoofd. Je moest er tegenwoordig vast voor betalen! Snel scande ik nog de ruimte, om te zien of de kust veilig was. Mijn schichtige blik botste op de klant bij balie 2, die druk doende bleek met zijn eigen baliemevrouw. Het was nu of nooit! Een kort kuchje nog, voordat de vraag krakend mijn keel verliet:

"Heeft u voor mij misschien een stapeltje giro-enveloppen?"

9.5.10

'Lekker ding is je vader'

Terug uit de sneeuw van Val Thorens. De laatste week van het wintersportseizoen heet daar traditiegetrouw de Dutchweek. Veel Nederlanders dus, veel après-ski en tussen de bedrijven door ook nog wat geploeter op de berg. Aan sneeuw overigens geen gebrek dit jaar. Iets meer zon was prettig geweest, al was die niet nodig om mijn voorhoofd op vrijdag nog flink te doen verbranden. Bewolkt en koud, prettig gesprek, zonnebrand straal vergeten. Rookie mistake.

Mijn goede vriend Paul en ik maakten even onderdeel uit van het legertje reisleiders dat alle zaken in ValTho in goede banen organiseert. Dat gaat ons doorgaans prima af. Het is dan ook geen hogere wiskunde, eerlijk is eerlijk. Een greep uit de meldingen en vragen: 'Ik trek zojuist de stop uit het bad en nu staat mijn appartement onder water', 'er was me een oven beloofd, maar ik zie hier alleen een magnetron' en 'ik wil parkeren in garage P1, kan ik dan gewoon de bordjes volgen?'

Tussen alle problemen door was er bovendien genoeg tijd om zelf te skiën. Meestal met z’n tweeën, maar op maandag haakten we even aan bij de dames en heren van Snow Experience. Een alternatief voor lessen, dat dit jaar voor het eerst werd aangeboden in Val Thorens. Onder hun deelnemers was Estelle. Bijna zestien en op vakantie met de hele familie. Voor Estelle bleek de Snow Experience een mooie manier om het gezinsleven te ontvluchten en vooral iets mee te pikken van de après-ski die - zoals gezegd - welig tiert in het dorp.

Diezelfde avond liepen we haar dan ook weer tegen het lijf in Le Monde, één van de bekende horecagelegenheden. Daar dronk ze stiekem een wijntje uit blik, terwijl ze voortdurend door hitsig manvolk werd belaagd. Desondanks genoot ze zichtbaar. De ergste gevallen hield ik behulpzaam een beetje op afstand. "Ik heb gezegd dat jij mijn vader bent," schreeuwde ze niet veel later met een grote glimlach in mijn oor, terwijl ze naar een aantal jonge vrouwen wees die in een hoekje stonden mee te springen op de muziek. "Lekker ding is je vader dan, zeiden ze."

We deden een high five, Estelle en ik.

28.4.10

Dingen die niet op m'n lijstje staan

Paspoort, koptelefoon, kauwgum, toilettas, 2 boeken, 15 Friends-dvd’s, Macbook, camera, statief, tapes, kabels, fototoestel, telefoonoplader, Fristi en Chocomel voor onderweg, 15 boxers, 15 paar gewone sokken, 10 paar skisokken, 20 t-shirts, 5 overhemden, 10 truien, 3 spijkerbroeken, 2 skipakken, 2 sneeuwbrillen, zonnebril, sjaal, muts, handschoenen, fiets binnen, vuilnis in de container en dan nog minstens tien dingen die niet op m'n lijstje staan en die ik vast ga vergeten.

De laatste anderhalve week sneeuw van dit seizoen vangt over zes uur aan. Wat een onderneming weer…

26.4.10

'Mag ik u iets vragen, meneer?'

Ze was knap en zeer adrem. Goede combi. "Wat een leuke serveerster," zei ik tegen Niels. Niet veel later maakte ze zichzelf onsterfelijk door in reactie op mijn vraag of we voor negen man bitterballen konden krijgen, te antwoorden: "Nee, maar we hebben wel gewoon coquilles en zo."

Het was ruim nadat ze me min of meer had uitgelachen omdat ik sinas bestelde – terwijl de rest natuurlijk gewoon aan het bier was – toen ze opeens naast me stond. "Mag ik u iets vragen, meneer?" Terwijl ik nauwelijks de kans kreeg om te bedenken of ik inmiddels echt de leeftijd had bereikt waarop het 'meneer' onvermijdelijk was geworden, zei ze: "U bent toch mijn buurman?"

Het gezelschap waarmee ik me op het zonnige terras bevond, ontplofte. Ik stamelde in al mijn ongeloof nog iets van 'dat zou kunnen', toen ik zag dat ze gelijk had. Twee deuren verder woont ze. We hebben elkaar vaak genoeg gedag gezegd om de situatie minstens gênant te laten zijn. Ik had het echt niet opgemerkt.

Daar zat ik dan, meneer te zijn. Toch maar een biertje dus…

19.4.10

Werken aan mijn testosteronpeil

Het idee was ontstaan na een etentje met Joris. Die had ik tot dat moment zeker tien jaar niet gezien, terwijl we eens toch de allerbeste vrienden waren. Ach, zo lopen die dingen in het leven, dacht ik nog. Maar daags na onze hernieuwde ontmoeting, vond ik het toch jammer. Jammer bovendien dat ik behalve Joris nog een aantal andere mensen van vroeger min of meer uit het oog was verloren. En zo ontstond in samenspraak met Niels het idee voor een reünietje. Niet te hoogdravend, gewoon wat mannen van weleer op een gemiddelde zaterdagavond.

Op Bram na – die we niet meer konden traceren – reageerde iedereen enthousiast. De enige wanklank kwam van iemand die niet op de lijst met genodigden had gestaan. Het was een vrouw van weleer die zich bij mij beklaagde over de samenstelling van het gezelschap. Waarom was zij niet uitgenodigd en waarom überhaupt uitsluitend mannen? Eerlijk is eerlijk: mij boeit het allemaal niet zo. Ik vind vrouwen geweldig en het kostte me dan ook enige moeite om echt te overtuigen.

Dat ik voor komend weekend sowieso moet werken aan mijn testosteronpeil, bleek ook tijdens een telefoongesprek met Niels eerder vandaag. De vraag drong zich onderhand op waar we zouden gaan eten. Zelf had ik zin in sushi, maar Niels wilde vlees. Een flinke biefstuk leek hem wel passend. "Je gaat toch niet met een stel gasten sushi eten?" beet hij me toe. "Wat een nichtenplan!" Oh, ja. Sorry. Rauw vlees en daarna vechten. Ik moet het ergens opschrijven, voor ik het vergeet...

12.4.10

Een file die nogal hardnekkig oogde

"Zullen we naar Antwerpen gaan?" Het was half tien op zaterdagmorgen. Voor mijzelf geen ongebruikelijk moment om reeds enige uren in de weer te zijn, maar ook Miriam was vroeg wakker en rond het genoemde tijdstip nagenoeg gedoucht en wel. En zo kwam het dat we ruim voor de middag in de auto zaten. Op weg naar Antwerpen. "Echt niet met de trein?" vroeg ik nog. Nee, echt niet met de trein.

Tegen de tijd dat we grensovergang Hazeldonk naderden, had ik al twee keer opgemerkt dat het toch altijd weer verder is dan je denkt. Kortom: de reis verliep geheel naar verwachting. Ware het niet dat we slechts enkele kilometers verderop in een file geraakten die nogal hardnekkig oogde. De nieuwslezer van het Vlaamse JOE FM meldde dat de E19 in beide richtingen muurvast stond door werkzaamheden en ongelukken.

Het kostte anderhalf uur om bij de eerste afslag te geraken. De afslag Brasschaat was dat. Ik meende me te herinneren dat die plaats een treinstation heeft, hetgeen overigens niet zo bleek te zijn. Jammer natuurlijk, want het was een uitgelezen mogelijkheid geweest om de file alsnog te mijden. Dus aten we in plaats daarvan maar een broodje terplekke. In een gezapige uitspanning, die in België overigens 'afspanning' wordt genoemd.

De jus d'orange werd er geserveerd met ijs en een verloren plakje sinaasappel, in een wijnglas met besuikerde drinkrand. Een uitgesproken misdaad natuurlijk, tenzij het jaar 1982 is en de locatie een smakeloos, duurbetaald terras aan de Franse Côte d'Azur. De borden waren afgemaakt met respectievelijk paprika- en kerriepoeder. Ongekend. En de ober kwam twee keer informeren of ‘alles een beetje naar wens’ was. Een beetje, ja.

We kochten nog voor dertig euro kaas en hertenpaté in een prachtig zaakje met delicatessen, liepen een rondje door de plaatselijke Casa – waarvan ik leerde dat het de Vlaamse Xenos is – en sloten toen vol goede moed weer aan in de schier eindeloze rij auto’s. Tot we Antwerpen op tien kilometer waren genaderd. Het liep inmiddels tegen vieren. Toen was het mooi geweest en maakten we rechtsomkeert.

Zes uur thuis. Afgemat en wel. Wat een heerlijk dagje uit!

1.4.10

Een korte break om het spannend te houden

Gisteren twitterde ik dat Fawlty Towers in de dvd-speler van mijn MacBook zit. En dat leverde verbaasde reacties op. Waarom geen Friends? Toegegeven: dat zou veel logischer zijn geweest. Naar aanleiding van een comment van Chantal, kwam ik zojuist tot de slotsom dat ik elke aflevering van mijn favoriete sitcom inmiddels ruim twintig keer heb gezien.

Het afgelopen decennium keek ik er nagenoeg elke avond voor het slapen gaan minstens één, maar vaak twee. Uitgaande van gemiddeld anderhalve episode per dag, komt dat neer op 5475 in totaal, gedeeld door de 236 afleveringen Friends die ooit zijn gemaakt, is 23,1. En toch iedere keer weer moeten lachen! Zelfs al ken ik de scripts inmiddels uit het hoofd.

Deze week een korte break. Dat houdt het spannend. Beladen term overigens, break. Voor de echte Friends-fan dan...